WE-300 ~ Aanslag

we300vanplatoPlato‘s

74e WE-300

Thema april/mei 2019

 

 

 

“Van het concert des levens krijgt niemand een program”
Je kunt zoveel willen, je kunt nog zo hard werken en realiteit en dromen, maar tóch zal het altijd anders komen.
Denkend, vooral als je nog jong en naïef bent ook al ben je er zelf van overtuigd alles al lang te weten en dat die ‘oudjes’ altijd maar zeuren over vroeger, dat je leven zo zal verlopen als dat jij het voor jezelf hebt uitgestippeld.
Waarschuwende opmerkingen voor de toekomst wuif je weg want dat is écht nog ver van je bed show, met een glimlach accepteer je als ouder dat gedrag van je kind want je weet dat het inderdaad zo voelt als je nog jong bent en aan het begin van je volwassen leven staat.
Achteraf weet jijzelf natuurlijk, wat iedere leeftijdsgenoot zo ongeveer, roerend met je eens zal zijn, dat die jeugdige ideeën slechts een waas zijn die weg zal trekken want leven is niet puur en alleen maar lang leve de lol.
Alles zal uiteindelijk bezinken en het bezinksel zal heel divers zijn, per persoon verschillend, evenals de impact van dat bezinksel. Gaandeweg de jaren stapelen de laagjes zich op en worden de onderliggende bedekt maar vergeten worden ze niet, sterker nog, sommigen zullen met enige regelmaat opduiken en of je een warm hart bezorgen of een van angst en/of pijn vertrokken gezicht omdat ze behoorlijk kunnen schrijnen.
Het paradoxale aan dat bezinksel is dat je ‘t je kind niet kunt overhandigen, dát wil je uiteraard ook niet maar toch wil je ze zo goed mogelijk voorbereid de grote mensen wereld insturen toch?
Je weet wel dat je hun toekomst niet kunt noch mag dirigeren maar stiekem wil je het wel een beetje. Je bent immers ‘slechts’ de -falende- dirigent van je eigen operette of opera.

 

 

Klieren

we300vanplatoPlato‘s

73e WE-300

Thema 17 februari 2019

 

Plato wist het weer te versieren.
Klopte op onze blog – portieren.
Wat ieder nu mag;
schrijvend aan de slag;
Maar let op, niet met het woord Spieren.

Wij mogen ‘t W – E -feest gaan bouwen
elkaars resultaten aanschouwen.
Eerst maar aan het werk
binnen paal en perk
300 woorden samen vouwen.

Een feestje mag je zingend vieren
dat kan op diverse manieren.
Zondag, dus kies ik
voor een limerick
doe ‘k immers liever dan tuinieren.

Maar Plato is best wel een vlegel
want 300 woorden als regel
voor limerick lang
eindeloos gezang
al verdien ik met dit geen pegel.

Dat worden dus 12 coupletten
van woorden op volgorde zetten.
Eens zien of dat lukt
dit ‘t feest benadrukt
Hopend dat niets mij zal beletten.

Stel je toch eens voor dat ik vastloop
want waar zijn vandaag woorden te koop.
Ik heb geen idee,
zit er maar mooi mee
mijn inspiratie is net als stroop.

Die Plato ging ons rapporteren
dat hij ons weer wilde vereren.
Met een nieuw thema
kom mij achterna
Blogland met W – E onder smeren.

Je hoeft niet stil blijven te zitten
Jouw schrijfbrein niet te laten pitten.
Hen stimuleren
en motiveren
je fantasie goed door te spitten.

Zo bereik ik de 200 woorden
in veel limerickse akkoorden
Of zuiver en rein
of vals en niet fijn
300 haal ik, zij uit ‘t noorden.

Nog 3 coupletten moet ik schrijven
mijn woordenaantal zal beklijven.
Ja Plato, ‘k doe mee
schrijf weer een W – E
Al moet ik hier gaan overdrijven.

Nog  50 woorden gaan nu volgen
worden in Limericks verzwolgen.
Ik ben bijna klaar
dan ga ‘k weer naar daar 
Klaar, dus blij in plaats van verbolgen.

Dit worden mijn 5 laatste zinnen
dan heb ‘k ook mijn W – E weer binnen.
Ieder mag lezen
hoe ‘k zat te pezen
mij op dit schrijf gedoe te pinnen.

WE-300 – 72 ~ Gezondheid

we300vanplatoPlato‘s

72e WE-300

Thema 14 september – 15 oktober 2017:

Gezondheid

“Het is maar goed dat we niet alles van tevoren weten” … is zijn gevleugelde uitspraak, die ik tegenwoordig heel vaak hoor.
Het is ook niet niks natuurlijk als je zelf altijd kerngezond bent geweest en slechts 1x in je leven ziek was door een hernia en later in je leven te maken krijgt met de gevolgen van de hartproblematiek van een innik geliefde echtgenote waarvan hij dan in 2011 afscheid moet nemen daardoor.
Al is het natuurlijk niet zo, het lijkt wel alsof dat afscheid een kentering in de tijd gaf. Hij ervaart het althans wel zo want vanaf dat moment gebeurde het ene nare na het andere. Oktober 2011 bezoekt hij het graf van zijn vrouw en komt daaarbij te vallen, een heup aan gruzelementen. Ziekenhuis, revalidatiecentrum en veel therapie volgen. In mei 2012 komt hij dan weer thuis.
Vlak voor kerst komt een onheilstijding, 1 van zijn 2 zoon, komt te vallen en raakt bewusteloos, bij onderzoek blijkt dat zijn hoofd vol met tumoren zit en nog geen 6 weken later nemen we afscheid van hem.
April 2014 wil hij, zoals altijd, zijn bezoek uitlaten. Galante heer ten top als hij is, loopt hij met zijn bezoek naar de hal en helpt haar in de jas, daarbij gaat het fout, hij valt en wel op dusdanige wijze dat zijn rechterbovenbeen kompleet aan diggelen ligt. Ziekenhuis, revalidatiecentrum (God Zij Dank hetzelfde als waar hij ook vertoefde tijdens de herstel van zijn gebroken heup) en veel therapie volgen. Oktober 2014 komt hij thuis maar wel een heel stuk minder mobiel dan hij gewend is.
Het inleveren van ‘ dingen zelf kunnen’  zet zich uitbreidend voort… dát accepteren kost hem veel moeite maar gelukkig heeft hij zijn humor niet verloren noch zijn positieve levensinstelling! Nu kijkt hij uit naar mijn verrassing, vandaag over 7 dagen, als hij zijn 92e verjaardag viert!

WE-300 ~ *71* ~ Ontgroenen

we300vanplatoPlato‘s

71e WE-300 –

 

Thema 26 juni – 31 juli: Ontgroenen

Allereerst een ‘Fijne vakantie in De Ardennen’ voor vakantieganger Plato
die aldaar een week zal vertoeven. Of én hoe hij dat zal redden mét zijn “inspiratie die wanstaltige vormen aanneemt” zonder zelf nog eerder dan “gramstorig” te worden vanwege het gebrek aan internet, moeten we maar afwachten. Al vraag ik me stiekem toch wel af wie het eerst/meest gramstorig zal worden, wij omdat hij niet gelijk de linkjes plaatst of hij omdat hij die linkjes niet plaatsen kan maar erger nog, onze “mooiste verhalen” niet gelijk lezen kan. We gaan het zien glimlach

we300-ontgroenen

In de auto, onderweg naar het ‘punt van geen terugkeer’ viel een kwartje… BOEM! RAAK! DIE ZIT!!!
Instinctief gleden haar ogen naar de zijkant van de snelweg, speurend naar de eerste de beste mogelijkheid om de auto aan de kant te zetten.

Stilstaand zuchtte ze diep terwijl haar linkerhand de knopjes zocht en vond. De juiste vingers gebruikend liet ze de ramen zakken waardoor de wind vat op haar haren kreeg en langs wangen, neus en ogen streek.

“Waar ga jij in de vredesnaam naar toe?”
“Ben je nou hélémáál van God verlaten knetterend gestoord geworden?”
Twee blauwe ogen, vervaarlijk fonkelend van opperste verbijstering vermengd met verontwaardiging keken haar via de achteruitkijkspiegel doordringend vragend aan.

Wéér viel een kwartje… BOEM! RAAK! ZO, DIE ZIT OOK!!!

Voor haar gevoel eeuwen later, dat door een vluchtige blik op de klok in haar dashboard gelijk ontkend werd, startte ze de motor weer en reed verder, afslag af, onder de weg door, afslag weer op, de weg terug.

Oeps.. ze was te laat, veel te laat zelfs. Zo niet haar ding, te laat komen, dat was iets dat onmogelijk geaccepteerd kon worden.  Nee niet van een ander maar wel van zichzelf natuurlijk.
Dat overkwam haar niet, nooit, daar zorgde ze voor.
Nou ja, voor alles is een eerst keer, ja toch niet dan, dit was het dan.
Alle ogen richtten zich op haar bij binnenkomst. Ze nam plaats op de enige, nog lege en vanwege diens locatie zo foute, stoel met het schaamrood op haar kaken en in haar decolleté, excuses stamelend.

De 1e afspraak die ze écht niet wilde gaan bijwonen en ervaren!!!
En nu? NU zou ze het toch gaan doen!
Wat was nou werkelijk het allerergste dat haar kon gebeuren?
De mens lijdt het meest door het lijden dat zij vreest.

WE-300 *70*

we300vanplatoPlato‘s

 

70e WE-300 –

 

Thema 25 mei – 22 juni: Musiceren

 

Allereerst een heel hartelijke welkom terug aan Plato natuurlijk na lange (veel te, als ik dat mag zeggen althans) afwezigheid in blogland. Ten tweede, van harte gefeliciteerd, je timing om terug te komen was wel perfect in die zin van aantallen want Musiceren is je 70e thema!

Kriebels in de buik, elke keer weer. Hoe vaak nu al? Geen idee, een schatting die ze echt niet goed kan maken, want dat is nou eenmaal niet haar sterkste punt, zal al snel in de 100-en zo niet 1000-en lopen. Die kriebels, doen haar soms giechelen, alsof ze een verliefde bakvis is, en dat met haar 50+ jaren. Ach, het schaadt niemand, haar al helemaal niet, integendeel, het maakt haar gelukkig, misschien zelfs wel het gelukkigst?!

Noem een gemiddeld theater in het land, zeg tegen haar dat ze er acuut heen moet en dat de tomtom kaduuk is, de gps in haar foon het ook niet doet. Geen probleem, ze stapt achter het stuur, tuft linea recta naar plaats van bestemming, ze kent ze allemaal. De routes zitten in haar bestaan verankerd.

Altijd ruim op tijd wordt de auto zo dichtbij mogelijk het betreffende theater geparkeerd, Hoe vaak ze al niet voor een nog gesloten deur stond omdat ze te vroeg was, weet ze ook niet. Als die deuren dan eenmaal open gaan, zinderend de foyer in na een bezoek aan kamer 100. Alle zintuigen op scherp want in de meeste gevallen kan ze de sound-checks horen, dat is al genieten pur sang. Terwijl de spanning toeneemt probeert ze een relaxte uitstraling te hebben terwijl ze een kopje koffie nuttigt, een knuffel en een babbelt deelt maakt met collega-die-hards en haar eigen gezelschap natuurlijk.

Ja hè hè, e.i..d.e.l.i.j.k. gaan dan die deuren open…. ze mag de zaal in. Spanning stijgt. In de meeste gevallen heeft ze plaatsen op rij 1, en met nog een beetje extra geluk ook nog in het midden. In haar beleving de enige echte juiste plek om te zitten bij haar favorieten.

Het licht dimt… ze hoort voeten schuifelen…. eerste akkoorden klinken…. het feest begint! Gelukzalig MAGISCH Genieten!!!

 

WE-300 *69*

Plato‘s 69e WE-300 – Thema december 2015 : Gezondheid

Mag het een onsje meer zijn?
Ja zeker, als dat zou kunnen, kom maar op!

Het strijden soms zó moe, de clichés over  doorgaan minstens zo erg is het eigenlijk een constant plussen en minnen. Daar zo bewust mogelijk zo weinig mogelijk bij stil staan om toch nog ruimte te hebben voor iets spontaans is een strijd op zich. Zo af en toe kan de wens om het op te geven dan wijzigen in behoefte. Het kruispunt waarop je dan staat is een heftige.  Voor jezelf de motivatie vinden, zonder in het ‘moeten’ te verzanden, om toch maar weer op te krabbelen en door te kunnen gaan is soms een, zo voelt het, onmogelijke taak.

Je telt je zegeningen, denkt aan mensen die je lief hebt, mensen waarvan je weet dat zij jou lief hebben. Haalt in je hoofd herinneringen op aan leuke momenten waar je zo intens van genoot. Je probeert alles om maar te voelen dat het doorgaan wél zin heeft. Je probeert redenen te vinden om jezelf ervan te overtuigen dat opgeven geen optie is terwijl er in je hoofd een stemmetje, dat niet tot zwijgen te dwingen is, jou probeert te overtuigen van het feit dat je die ‘rust’ heus wel verdiend hebt onderhand want waarom zou je doorgaan met het bevechten van iets dat onhaalbaar is? Een ander stemmetje gaat ertegenin, hoezo onhaalbaar? Waar een wil is, is een weg, toch?

Maar toch…  al dan niet beïnvloed door waarin je (niet) gelooft… probeer je jezelf telkens weer te herpakken om te voorkomen dat je de handdoek daadwerkelijk in de ring gooit, al is de drang soms nog zo groot. Het onbetaalbare goed, dát krijgt niemand cadeau! Je kan zo ‘veel’ doen, de rest komt zoals het komt, je hebt ‘t er maar mee te doen.

WE-300 *68*

we300vanplato

 

~ Plato‘s 68e WE-300

~ Thema  november 2015 :

~ Spellen

 

 

Hè??
Stond dáár nou écht wat zij dacht dat er stond?
Ze las het verhaal, dat ze inmiddels al drie keer gelezen had, nogmaals, nogmaals en nogmaals… Laat ik eerst maar even een pauze inlassen, dacht ze, koffie, sigaretje, zonnetje op het balkonnetje, even op adem komen en pogen haar wild in het rond slaand hart tot enig kalmeren te brengen.

Ze liep bij het bureau weg, de keuken in en schonk zich een bak koffie in. Met die koffie en een sigaret installeerde ze zich op het balkon waar een mager lentezonnetje haar gezicht streelde alsof het zeggen wilde: “wat jij eruit op pikt wordt niet zo bedoeld… ”
De koffiebeker raakte leeg, haar sigaret was op, de zon verdween achter een donkere wolk.. onheilspellende voorbode?
Terug op haar stoel achter het bureau las ze nogmaals wat ze al meermalen gelezen had, in haar hoofd kon ze het hele verhaal al zonder het tegelijkertijd te lezen soort van opdreunen.

Het nieuws had haar behoorlijk van haar stuk gebracht en ze wist ook niet wat ze er nou precies mee moest. Dat was eigenlijk nog wel het meest vreemde van alles. Zij, die nooit om woorden, laat staan een weerwoord, verlegen zat, zat nu naar een blanco pagina te staren. Haar vingers lagen dan wel op het toetsenbord maar er kwam geen letter uit, dat was al een heel vreemde gewaarwording van zichzelf.

Een weerwoord moest ‘even’ op zich laten wachten. Al wat er nu in haar opkwam was pure verbolgenheid vermengd met zo mogelijk nog intensere verbazing. Als ze vanuit die emotie zou schrijven zou de lezer er geen snars van snappen laat staan begrijpen wat zij wilde overbrengen. Bovendien zijn sommige dingen niet op te schrijven omdat die simpelweg niet in woorden te vormen zijn zoals gevoeld en bedoeld.