Archief van
Categorie: Sonnet

Leven

Leven

 

 

Ontelbare kaarsjes verspreiden dansend hun licht,
hun vlammetjesgewakker verwarmt menig gezicht.
Veel, diverse, gedachten komen boven drijven
waarvan je een deel wel wil, maar niet kan, uitwrijven.

Het leven geeft, het leven neemt, je wint en verliest.
Mogen ervaren hoe ‘t hart ontdooit en weer bevriest.
Het ene moment blijven je ogen nog wel droog
maar het andere zitten de tranen veel te hoog.

Soms slaag je toch in je poging ze weg te slikken
soms echter voelt het alsof je erin gaat stikken.
Het één kan onmogelijk zonder ‘t ander bestaan

laat daarom die tranen wanneer nodig, gerust gaan.
Het moet eruit, ‘t verschoont en zal weer ruimte geven
Ja-Nee, Goed-Fout, Plus-Min, Lief-Leed, Lach-Traan, heet: leven.

 

 

 

Alles heeft zijn tijd

Alles heeft zijn tijd


(Foto met dank aan Ellen C.)

 

Zachte voetjes dalen weer neer,
onweerstaanbaar aangetrokken.
Vrijmoedig en onverschrokken,
het ontastbare beroert teer.

 

Heden en verleden kwamen
vandaag zo maar weer eens bijeen.
Verenigd, weer even samen.
‘Ik ben er, je bent niet alleen’.

 

Werelden eindig gespleten.
Mist die de grens nog verduistert
tot onze tijd is versleten.

 

Namen liefdevol gefluisterd
geen één wordt een keer vergeten,
want er wordt altijd geluisterd.

 

Puzzelstukjes

Puzzelstukjes

 

Een ieder heeft een taak,
is een puzzelstukje op aarde
en heeft een nodige waarde.
Alléén de complete puzzel schiet raak.

 

Zo af en toe kan een stukje ontsporen.
Het kleine én het grote deel
vormen samen het geheel.
Niet teruggevonden gaat het verband verloren.

Verlies geen enkel stukje uit het oog,
hou ze allemaal in tact.
Valt er eentje, haal het dan weer omhoog.

 

Elke vorm van contact,
dat hoeft geen betoog,
geen puzzelstukje kan zonder de ander’s impact.

Onverholen

Onverholen

Alle gebeurtenissen
gaandeweg je leven
kunnen het gevoel “rijk” geven
zelfs als je veel moet missen

Voelen wat er is, én gebeurt
Je in hemel of hel wanen
onvermijdelijke levensbanen
Licht en donker ingekleurd

Achtergelaten voetstappen
elk onuitwisbaar spoor
goed en kwaad behappen

Zie, wat ligt voor
Achter laten ontsnappen
Alles, óók ‘t  jouwe, gaat door

Stil-heel-stil

Stil-heel-stil

Uit het leven gerukt,
van fundamenten gescheiden.
Voorgoed een eind aan het lijden,
toch wel aan bloei ontplukt.

Willen, maar nog niet kunnen, verhullen.
Een stem die nu geluidloos schreeuwt,
verdriet dat alles onder sneeuwt,
hoe het ontstane gat weer te vullen.

Herinneringen koesterend bewaren.
De Tijd de tijd gunnen haar werken te doen.
Gaandeweg geniet-momentjes vergaren.

Stapje voor stapje, nog in knellende schoen
De huzarenklus proberen te klaren
Vertrouwen op ‘Ooit zie ‘k je weer’-visioen.

Ondervinding is de beste leermeester

Ondervinding is de beste leermeester

schoolfroombosch
Ondervinding is de beste leermeester;
toch wordt menige les eindeloos herhaald.
Ongeboeid luisteren naar de voorleester,
niet begrijpend hoe zij het verhaal vertaalt.

Gevoelige klappen worden uitgedeeld,
die, zo moeilijk te genezen, wonden slaan.
Al ligt ‘t diep begraven, nooit compleet geheeld,
zullen de korsten op barsten blijven staan.

Hoe de duivel van ‘t verleden telkens smaalt:
” Ondervinding is de beste leermeester…”
en  treitert met: “wedden dat je het niet haalt?”

De toekomst ligt open, nog niet uitgebeeld;
er in ” ‘k zal overwinnen-modus” voor gaan.
Alléén ik ben ‘t die mijn levensmuziek speelt!

Tijd

Tijd

tanddestijds
De tand des tijds met zijn onwrikbaar houvast
laat zijn sporen na, zowel on- als zichtbaar.
Nooit wordt gevraagd of het allemaal wel past
hoe ook, het komt immers toch wel voor elkaar.

De balans blijft onophoudelijk belast
wat is in welke mate  wanneer draagbaar.
Veelvuldig staat het bestaan in schril contrast
en telkens vergezeld van fel commentaar.

Het eens stevige fundament kraakt notoir
alsof ‘t in zijn hoogste eer is aangetast
maakt tegen  de vergankelijkheid bezwaar.

Als de olifant in de porseleinkast,
het werk is werkelijk nooit helemaal klaar,
de tand des tijds die er jaren doorheen jast.